Nieuwe douanewetgeving: UCC - wat staat u te wachten?

Douaneauto Onderkant

Sinds 2004 wordt er onderhandeld over de nieuwe douanewetgeving. Aanleiding was de steeds verregaande digitalisering van de Douane, de hernieuwde aandacht voor veiligheid en de wens om het bedrijfsleven verder te faciliteren. Bijna twaalf jaar later lijken de onderhandelingen op hun einde te lopen.

De Union Customs Code (UCC), als vervanger van het Communautair Douane Wetboek (CDW), werd in 2013 al vastgesteld. De toepassingsverordening van het CDW (TCDW) wordt vervangen door de UCC Implementing Act (IA) en UCC Delegated Act (DA). Aan deze laatste twee stukken wetgeving wordt nu de laatste hand gelegd. Dennis Heijnen, Beleidsadviseur Internationaal Ondernemen bij EVO, vertelt in dit artikel hoe de overgang naar UCC eruit zal gaan zien en wat de grootste wijzigingen zullen zijn. 

Hoe zit de overgang eruit?

De bedoeling is dat de nieuwe wetgeving op 1 mei 2016 van kracht wordt. Dit betekent overigens niet dat alles op deze datum gelijk veranderd. De Europese Commissie voorziet een overgangsperiode tot in 2020. Wetgeving die alleen geïmplementeerd kan worden met een aanpassing of de bouw van nieuwe IT-systemen wordt in ieder geval pas later van toepassing. Ook voor een aantal regelingen (zoals douanewaarde en entrepot
type D) gelden overgangsbepalingen. Enkele andere (papieren) wijzigingen worden waarschijnlijk wel op 1 mei van kracht, het gaat dan bijvoorbeeld over AEO en de Bindende Tarief Inlichting.

Waar zitten de grootste wijzigingen?

Op het moment van schrijven (juli 2015) is het wetgevingsproces, zoals gezegd, nog niet volledig afgerond. Toch kunnen al een aantal opvallende wijzigingen genoemd worden. 

  1. AEO (Authorised Economic Operator)

    De wijzigingen in de AEO regels vallen mee. De natuur van AEO verandert echter wel. AEO wordt nog meer een basisvoorwaarde voor andere Douane vereenvoudigingen/vergunningen dan nu. Ook komen er aanvullende eisen aan praktische beroepservaring of beroepskwalificaties. Er is minimaal drie jaar praktische beroepservaring of een gekwalificeerde opleiding nodig. De wijze waarop dit moet worden aangetoond is nog onderwerp van gesprek. 

  2. Douanewaarde
    De douanewaarde van de goederen kan op verschillende manier worden vastgesteld. De definitie van de meest gebruikte methode (de transactiewaarde) wordt echter geherformuleerd. Als transactiewaarde zal worden aangenomen de waarde van de goederen bij de verkoop onmiddellijk voordat de goederen het grondgebied van de Unie worden binnengebracht. 

  3. Bindende Tarief Inlichtingen en Bindende Oorsprong Inlichting 
    Momenteel kunnen er bindende tarief en oorsprongsinlichtingen worden aangevraagd bij de Douane. Het gebruik hiervan is echter niet verplicht voor een bedrijf. Dit gaat veranderen. Zodra een bedrijf een Bindende Tarief Inlichtingen (BTI) of Bindende Oorsprong Inlichting (BOI) aanvraagt moet het nummer van de inlichting verplicht vermeld worden in de aangiften en geldt hetgeen gesteld is in de inlichting. Let op, dit geldt ook voor BTI en BOI die bedrijven nu al hebben. Mocht u een BTI of BOI hebben, maar deze nooit gebruiken, dan is het raadzaam een verzoek in te dienen om deze in te laten trekken. De geldigheidsduur voor nieuwe BTI en BOI wordt per 1 mei 2016 verlaagd van zes naar drie jaar.

  4. Onvolledige aangifte
    Veel bedrijven maken gebruik van een 'onvolledige aangifte'. Dit betekent dat er een aangifte wordt gedaan zonder dat alle gegevens (bijvoorbeeld een oorsprongsdocument) beschikbaar zijn. De UCC stelt dat bij regelmatig gebruik van deze vereenvoudiging een vergunning nodig is. De interpretatie van het woord regelmatig is nog niet bekend, maar dit zou 50 keer per maand kunnen zijn. De termijn voor het aanleveren van de aanvullende gegevens wordt wel verkleind naar 10 dagen.

  5. Inschrijving in de administratie (maandaangifte)
    Er worden aanvullende eisen gesteld aan het doen van aangifte door middel van een inschrijving in de administratie (de huidige maandaangifte of domiciliëringsprocedure). Er wordt momenteel gesproken over hoe de wijzigingen eruit zien, maar dat er een toenemend aantal meldingen komt lijkt niet te voorkomen.

  6. Bijzondere regelingen (douane-entrepot en actieve veredeling)
    De huidige indeling van douane-entrepots (type A t/m F) vervalt. In plaats daarvan komen er drie type publieke entrepots en één type privaat entrepot. Het private entrepot is een mix van het huidige entrepot type C en E. Hoe de Nederlandse entrepothouders C en E overgaan is momenteel onderwerp van gesprek. De regelingen actieve veredeling (AV) schorsing, AV terugbetaling en behandeling onder douanetoezicht worden allen samengevoegd onder één regeling AV. Deze ene regeling is vergelijkbaar met de huidige regeling AV schorsing. In de overgangsbepalingen is wel bepaald dat de huidige vergunningen in principe van kracht blijven onder de huidige voorwaarde tot de einddatum van de vergunning.

Belangrijkste conclusie over alle wijzigingen is dat het niveau van handelsfacilitatie in het UCC tegen valt. Ook van échte digitalisering, bijvoorbeeld om 'system based controls' mogelijk maken, is nauwelijks sprake.

Voorlichting 

EVO en Fenedex zullen de komende tijd in de laatste fase van de onderhandelingen actief blijven lobbyen om het niveau van handelsfacilitatie in de toepassingsverordeningen van het UCC te vergroten. Ook voeren EVO en Fenedex overleg met de Nederlandse Douane over de implementatie en voorlichting van het UCC. Naast algemene voorlichting zullen EVO en Fenedex begin 2016 Masterclasses opzetten over de belangrijkste wijzigingen. Houdt hierover de berichtgeving goed in de gaten. Voor vragen over dit artikel kunt u contact opnemen met EVO of Fenedex.

Meld u nu aan voor onze gratis AGS/UCC Update Service