Brexit - de verschillende douanescenario’s en de gevolgen hiervan

Brexit

Op zaterdag 23 juni 2016 heeft een meerderheid van de Britse bevolking in een referendum voor uittreding uit de Europese Unie (EU) gestemd. Het Verenigd Koninkrijk (VK) is een belangrijke exportpartner voor 
Nederland en goed voor ongeveer 2,3 procent 
van het Nederlandse BBP.

Hoewel het nu nog volstrekt onduidelijk is hoe de toekomstige handelsrelatie tussen het VK met de EU en de rest van de wereld eruit zal gaan zien, kunnen we al wel vaststellen dat er op het gebied van Douane een andere tijd gaat aankomen. In dit artikel gaan we in op de verschillende douanescenario's en de gevolgen hiervan.

De verschillende mogelijkheden voor het VK na de uittredingsprocedure

Om het proces van het Britse vertrek uit de EU op te starten, moet het VK eerst formeel aangeven dat zij de Unie willen verlaten (artikel 50 - Verdrag van Lissabon). Deze uittredingsprocedure kan zo maar twee jaar duren voordat deze is afgerond. Gedurende deze periode zullen de Britten met de resterende 27 lidstaten moeten onderhandelen over de voorwaarden van hun vertrek. Het zal daarbij vooral gaan over de handels-overeenkomsten.

Na een Brexit vervallen namelijk voor het VK alle handelsverdragen met de EU en met de overige landen waar de Britten als onderdeel van de EU overeenkomsten mee hebben gesloten. De mate van vrijhandel is afhankelijk van de nieuw af te sluiten overeenkomsten tussen het VK en de EU. Eventuele tarifaire en non-tarifaire handelsbarrières hebben direct invloed op eventuele douaneformaliteiten. Hieronder volgen enkele mogelijke scenario's:

  • 1. Toetreding EER

Het VK treedt toe tot de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA) en Europese Economische Ruimte (EER) om op die manier, net als Noorwegen, IJsland en Liechtenstein, toegang te houden tot de interne markt van de EU. In de EER is er sprake van vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal.

  • 2. Douane-unie

De EU en het VK vormen een zogenaamde douane-unie, zoals in 1995 de EU en Turkije hebben gedaan. Hierbij is geen sprake van vrij verkeer van arbeid en kapitaal. Voor goederen geldt dat er onderling geen of minder importheffingen gelden, beide partijen hanteren één gemeenschappelijk buitentarief en zijn ook onderhevig aan dezelfde buitenlandse tarieven.

  • 3. Zelfstandige vrijhandelsovereenkomst

De EU en het VK gaan - bilateraal - een zelfstandige vrijhandelsovereenkomst aan waarbij afspraken worden gemaakt over invoerrechten, maar waarbij geen gemeenschappelijk buitentarief geldt.

  • 4. Sectorafspraken

Het VK bewandelt dezelfde weg als Zwitserland en sluit bilaterale akkoorden per sector. Voor het realiseren van dit scenario zullen veel (langlopende) onderhandelingsgesprekken nodig zijn.

  • 5. Meest begunstigde natie (MFN)

Het VK zou de status "meest begunstigde natie" kunnen krijgen. In dit scenario zijn de banden tussen de EU en het VK het minst onderling met elkaar verbonden. Er is geen gemeenschappelijke regelgeving noch een gezamenlijk buitentarief.

Geen veranderingen in heffingsgrondslagen en AEO

De hierboven beschreven scenario's omschrijven met name de vorm waarin een nieuwe samenwerking tussen de EU en het VK zou kunnen worden gegoten. Qua heffingsgrondslagen hoeft er weinig te veranderen. De uitgangspunten voor het classificeren van goederen, het bepalen van de douanewaarde en oorsprong zijn in het beginsel op GATT/WTO niveau bepaald. Fundamentele veranderingen hoeven we daarin dus niet te verwachten.

De introductie van de AEO-status binnen de EU, voor bedrijven die internationaal handel drijven, heeft gezorgd voor een administratieve lastenverlichting. Hetzelfde geldt voor de vergaande vereenvoudigingen. Tevens was het VK als volwaardig lid van de EU betrokken bij de totstandkoming van het Douanewetboek van de Unie, die per zondag 1 mei 2016 in werking is getreden. Het is dus zeer aannemelijk dat de Britten dit model zullen repliceren indien er een eigen douanewetgeving zal moeten worden gemaakt. 

Onzekere periode voor bedrijfsleven breekt aan

De komende tijd blijft onzeker wat de Brexit nu precies betekent voor het Nederlandse bedrijfsleven. Ondernemersorganisaties EVO en Fenedex hebben onlangs al aangekondigd zich te zullen gaan inzetten voor een snelle invoering van een nieuw, verdergaand handelsakkoord met het VK.

Ondanks alle berichtgeving over dit onderwerp zijn de gevolgen voor zowel EU als voor het VK nog niet te overzien en/of voorspellen. Wellicht zal de handel tussen de EU en het VK worden geschaad, maar deze zal uiteraard niet geheel verdwijnen. Het VK blijft waarschijnlijk ook na uittreding een belangrijke handelspartner voor ons land en de EU.